Moet een psychotherapeut ook een diagnosticus zijn

Een vraag die vaak terugkomt – soms scherp gesteld, soms uit oprechte bezorgdheid – is deze: moet een psychotherapeut ook een diagnosticus zijn om kwaliteitsvolle zorg te kunnen bieden?

Het lijkt een eenvoudige ja-of-nee vraag, maar dat is het niet. Het raakt aan hoe we naar psychisch lijden kijken, hoe we zorg organiseren en hoe we verschillende vormen van expertise naast elkaar laten bestaan.

Diagnose is waardevol. Maar het is niet hetzelfde als psychotherapie.

In België is diagnostiek historisch sterk verbonden aan bepaalde beroepen, zoals artsen en klinisch psychologen. Zij beschikken over een academische opleiding waarin diagnostische kaders, classificatiesystemen, differentiaaldiagnose, risico-inschatting en medische/psychologische beeldvorming centraal staan. Dat is belangrijk. Zeker bij complexe problematieken, vermoeden van psychiatrische ziekten of risico op suïcidaliteit wil je mensen hebben die hierin stevig geschoold zijn.

Maar diagnostiek is niet hetzelfde als psychotherapie.

Psychotherapie vertrekt vanuit een andere kernbeweging:

  • luisteren naar het verhaal achter de symptomen
  • ruimte creëren voor betekenisgeving
  • werken aan herstel, veerkracht, relaties, zelfregulatie
  • samen zoeken naar nieuwe manieren om met pijn, angst, trauma of vastgelopen patronen om te gaan

Waar diagnostiek probeert te benoemen wat er aan de hand is, werkt psychotherapie vooral met hoe iemand leeft met wat er aan de hand is. Dat vraagt een andere expertise, andere vaardigheden, andere vorming, vaak ook een ander tempo.

Dus… moet een psychotherapeut zelf kunnen diagnosticeren?

Nee, niet noodzakelijk.
Maar…
een goede psychotherapeut moet wel voldoende klinisch kunnen inschatten wanneer diagnostiek nodig is.

Met andere woorden:

  • je moet kunnen zien wanneer een vraag te complex is om “blind” te behandelen
  • je moet signalen herkennen die om bijkomend onderzoek vragen
  • je moet weten wanneer je best samenwerkt met een collega-diagnosticus
  • je moet begrijpen wat een diagnose betekent voor je therapeutisch werk

Dat is professioneel werken: je eigen grenzen kennen, verantwoordelijkheid opnemen, en samenwerken in plaats van alleen te willen dragen.

Verschil erkennen zonder hiërarchie te creëren

Te vaak wordt het debat gepolariseerd: ofwel zou iedereen alles moeten kunnen, ofwel wordt psychotherapie herleid tot “ondersteunend werk” zodra iemand geen volwaardige diagnostische titel heeft. Allebei doen ze geen recht aan de realiteit in het werkveld.

De waarheid is:

  • niet elke psychotherapeut wil diagnosticus zijn
  • niet elke diagnosticus is automatisch bekwaam in psychotherapie
  • de meest kwaliteitsvolle zorg ontstaat wanneer expertise samenwerkt in plaats van concurreert

Ook binnen één beroepsgroep verschilt expertise. Niet elke arts werkt met trauma. Niet elke klinisch psycholoog werkt met complexe scheidingen. Niet elke psychotherapeut werkt met ernstige persoonlijkheidsproblematiek. Dat is geen zwaktebod. Dat is professioneel.

Wat vraagt kwaliteitsvolle psychotherapie dan wél?

Vanuit de BFPT geloven we dat kwaliteitsvolle psychotherapie minstens steunt op:

  • een stevige, erkende opleiding in psychotherapie
  • persoonlijke vorming, zelfreflectie en blijvende supervisie
  • oordeelsvermogen om risico en complexiteit te herkennen
  • bereidheid tot samenwerking en doorverwijzing wanneer nodig
  • werken binnen een duidelijk ethisch en deontologisch kader

Diagnostiek kan daar soms een deel van zijn. Maar het is ons inziens nooit het criterium dat bepaalt of iemand al dan niet een goede psychotherapeut is.

Tot slot

Psychotherapie vraagt jarenlange vorming, diep menselijke betrokkenheid, een grote dosis inzicht en voortdurend blijven bijleren. De vraag is dus niet of elke psychotherapeut ook diagnosticus moet zijn.

De echte vraag is:
hoe organiseren we de geestelijke gezondheidszorg zo dat verschillende vormen van expertise elkaar versterken in plaats van vervangen?

Daar blijven wij ons als Belgische Federatie van Psychotherapeuten voluit voor inzetten. Als bondgenoot van cliënten. Als partner van collega-zorgverleners. En als pleitbezorger voor een zorgsysteem dat nuance, samenwerking en kwaliteit boven simplistische antwoorden verkiest.